
Aan de angstige blikken van de twee meisjes te zien was ik dus niet de enige die er zo over dacht.
In de wagen zaten nog twee andere meisjes.
We zaten nog maar met vijf mensen (plus de chauffeur en een van zijn kompanen) in het busje. Er konden zeker nog mensen bij, en dus was ik ook zeker dat dat nog zou gebeuren!
Even later haalden we nog twee Spaanse mensen op en die mochten zich voorin nestelen.
Al bij al was het busje vrij comfortabel en verliep de rit vrij vlot.
Van Vinales naar Cienfuegos betaalden we 35 CUC per persoon. Ze vroegen ons om meteen te betalen, waardoor Sanna een beetje bang werd. Ze had immers verhalen gehoord van collectivo’s die mensen slechts tot in Havanna brachten en dan deden alsof ze motorpech hadden om de passagiers niet verder te hoeven brengen.
Telkens wanneer ik in slaap begon te vallen, toeterde de krakkemikige wagen naar een obstakel op de bijna lege wegen of werden we door elkaar geklutst door de chauffeur die de diepe putten in de wegen probeerde te vermijden.
Een karkas van een hond lag in het midden van een snelweg te rotten en dat had heel wat gieren aangetrokken.
Doordat de auto al zo oud was, moesten we regelmatig een tussenstop maken zodat de motor niet zou oververhitten.
Tijdens de tweede stop werden we gevraagd om naar een andere auto over te stappen omdat deze chauffeur zijn vergunning maar tot deze plek liep.
Alle rugzakken werden van het ene dak gehaald en op het dak van de lijkwagen (daar leek het toch op) overgeplaatst.
Deze tweede wagen was voor mij een pak comfortabeler en dus kon ik niet klagen.
Boven ons hoorden we enkele keren een plof en iedereen vreesde duidelijk de hele tijd dat haar of zijn baggage van het rek zou vallen, maar na ongeveer zeven uur rijden kwamen we allemaal aan met onze grote rugzakken volledig in tact.



In Cienfuegos werden we verwelkomd door de hele familie die in de casa woonde. Heel vaak woont een volledige generatie onder een dak en stellen zij hun huis ook ter beschikking aan de vele toeristen in Cuba.
Eens we binnenkwamen, kwam Matthias (de jongen uit Zweden die we in Havanna hadden leren kennen) zijn kamer buiten om ons te begroeten.
De hele groep was terug compleet!
Matthias stelde voor om wat rond te lopen in Cienfuegos, aangezien het binnen een drie; viertal uurtjes zou beginnen donkeren. Zo konden we de stad al zien, want veel was er niet te zien vertelde hij ons.
Buiten het centrale pleintje en de centrale shopping street was er inderdaad niet veel te zien. We wandelden langs enkele toeristen martkjes en de malécon en gingen dan iets eten.
Een snelle hap bestaat nauwelijks in Cuba en tegen dat we weggingen begon de zon weeral onder te gaan.
De casa mama (de eigenares van de Casa Particularis) had ons gezegd dat er een mooi plekje was op het einde van de hoofdstraat in Cienfuegos.
We namen een goedkope taxi daarheen maar konden het plekje onmogelijk vinden. Gelukkig was er een klein strandje nabij waar we konden genieten van de prachtige ondergaande zon met een lekkere mojito.
Wanneer het al flink donker was geworden, keerden we op ons gemakje terug naar huis en beslisten we ook meteen wat we de volgende dag zouden gaan doen.
Er was duidelijk niet heel veel te zien in Cienfuegos en dus besloten we dat we de volgende dag gewoon even naar het strand zouden gaan, een klein beetje extra tijd zouden nemen voor de stad zelf te verkennen en tegen de vroege avond verder zouden trekken naar Trinidad.
De rit naar het strand was erg mooi, maar ik moet eerlijk zijn dat het strand me niet zo aansprak. Ik denk dat ik al te veel mooie stranden had gezien tijdens deze vakantie!
Mijn Zweedse en Duitse vrienden genoten er duidelijk van en natuurlijk plonsde ik ook met hen even in het mooie water.
Eens we terug aan waren gekomen in Cienfuegos schuimden we de kleine en minder kleine straatjes en pleintjes af en aten we nog een kleine snack voor we terug naar onze casa vertrokken om afscheid te nemen en naar Trinidad te vertrekken.





